Zacheüs is een boef, maar ...

Zacheüs woont in Jericho. Hij is opper-tollenaar. Hij moet voor de keizer belasting innen. Hij is een hebzuchtig mens. Als iemand honderd euro moet betalen, eist Zacheüs tweehonderd euro of soms nog meer. Hij pakt de mensen gewoon hun geld af. Zo wordt hij schatrijk. Soms hebben moeders geen geld meer over om eten voor hun kinderen te kopen. Dat is heel erg. Zacheüs is een gemene man. Hij is een boef. Iedereen heeft een hekel aan hem.

Hij klimt in de boom
Op een dag hoort Zacheüs dat Jezus in Jericho komt. Zacheüs heeft veel over Hem gehoord. Hij weet dat Jezus de zieken geneest, en blinden laat zien en doven laat horen. En ook dat Hij veel vertelt over zijn Vader, die in de hemel woont. En zegt wat de mensen moeten doen om daar te komen.
Zacheüs wil Jezus zien. Maar er zijn zoveel mensen op straat. Iedereen wil Hem zien. Iedereen wil vooraan staan. En Zacheüs staat helemaal achteraan. Hij kan zich niet naar voren dringen. En dat is pech hebben. Want hij is een kleine man. Hij kan onmogelijk over al die grote mensen heen kijken.
Zacheüs is wel klein, maar hij is ook slim. In de verte ziet hij een boom, een vijgenboom. Daar rent hij heen. Iedereen ziet hem. Er wordt gemompeld: ‘Kijk, daar gaat die gemene Zacheüs! Die boef!’ Maar dat kan hem niet schelen. Hij wil Jezus zien. Hij klimt in de boom. De mensen lachen hem uit.

Jezus komt op bezoek
Zacheüs wacht geduldig tot Jezus voorbij komt. Plotseling ziet hij Hem. Hij komt dichterbij … Hij komt heel dichtbij … Zacheüs’ hart begint sneller te kloppen. Want Jezus is niet zomaar iemand. Jezus is de Zoon van God.
En dan gebeurt er iets waar Zacheüs niet op gerekend heeft. Jezus blijft staan en kijkt omhoog. Hij zegt: ‘Zacheüs, kom vlug uit die boom, want Ik wil vandaag bij jou thuis eten.’ Zacheüs klimt snel naar beneden. Hij is zo blij, zo blij! Jezus komt bij hem thuis! ‘Komt u maar mee’, zegt hij vol vreugde. Hij zet de deur van zijn huis wijd voor Hem open.
Ondertussen zijn de andere mensen aan het mopperen. Ze zijn boos. ‘Kijk nou eens! Jezus gaat op bezoek bij een schoft, een smeerlap. Hij eet samen met een zondaar!’
Maar Zacheüs wil niet langer een slecht mens zijn. Hij wil ermee stoppen een boef te zijn. Hij zegt tegen Jezus: ‘Luister Heer! De helft van al mijn geld geef ik aan de armen. En aan al die mensen van wie ik geld heb afgepakt, geef ik het terug. Ik geef ze viermaal zoveel als wat ik van ze genomen heb.’
Zacheüs denkt niet meer: ‘Als ik het maar heb! Geef mij! Kom op met je geld!’ Zacheüs is veranderd door de ontmoeting met Jezus. Zijn hebzucht is verdwenen. Hij zegt: ‘Ik wil dat andere mensen wat hebben! Ik geef! Ik kom met mijn geld bij jullie!’ Hij denkt aan al die moeders die geen eten meer konden kopen voor hun kinderen, omdat hij hun geld had afgepakt. Zacheüs heeft spijt. Heel veel spijt. Hij gaat het goedmaken. Hij is heel blij dat Jezus bij hem is gekomen.

Zacheüs mag in de hemel komen
En Jezus zegt tegen al die mensen die mopperen omdat Hij bij een boef op bezoek is geweest: ‘Kijk mensen, Ik ben in de wereld gekomen om slechte mensen te redden. Zacheüs mag in de hemel komen, omdat hij Mij heeft binnengelaten in zijn huis.’
Zacheüs heeft Jezus niet alleen binnengelaten in zijn huis, maar ook in zijn hart. Hij doet wat Jezus van hem vraagt. Hij doet het goede en niet meer het slechte.
Hij houdt van Jezus en Jezus houdt van hem.

Jezus houdt van alle mensen en alle kinderen. Hij wil ook in jouw hart komen wonen. Hij houdt ook van jou! Mag Hij bij je binnenkomen?

Dit verhaal staat in de Bijbel in Lucas 19 vers 1 t/m 10.

Jenny Goeree Manschot

©2006 Overname van artikelen is alleen toegestaan na schriftelijke toestemming van de uitgever/auteur.






home | over evan | artikelen | bijbelverhalen | vragen | uw mening
forum | e-mail | colofon


© 2017 Alle rechten voorbehouden